pictures/kdn-kip-en-ei-ico.png

 
zeekoet
zeekoet

Kip en ei

PROEF: HET EI

Nodig: 1 schaar of mesje
1 brander + driepoot + gaasje
1 beker
1 ei
De eieren die je uit de winkel koopt zijn niet bevrucht.
Uit een onbevrucht ei kan nooit een kuiken komen.
Jij gaat nu zo'n onbevrucht ei onderzoeken.

Een kippe-ei heeft een spitse en een stompe kant.
Kan het ei recht vooruit rollen? (1) Ja / Nee.
Door de spitse kant gaat het ei rond-tollen.
Het ei kan dus (2) wel / niet. gemakkelijk uit het nest pollen.
Hiernaast staat een zee-koet getekend.
De zeekoet broedt op de rotskusten van Engeland.
Waarom is het ei van de zeekoet zo spits? (3) ________________________________________.
opengemaakt ei
binnenkant ei

Houd nu de stompe kant van het ei boven.
Maak met de mespunt voorzichtig een gaatje in de schil.
Pulk voorzichtig zoveel schaal weg als hiernaast getekend.
Kijk in het ei naar binnen en zoek hieronder op wat je ziet.
doorsnede door een ei
doorsnede door een ei

Middenin het ei drijft de grote gele (4) _________.
De rest van het ei is gevuld met doorzichtig (5) _______.
Bovenop de dooier zit een wit puntje: dit is de (6) ______.
Bij bevruchte eieren is de kiem het begin van het kuiken.
De dooier is dan het voedsel voor het kuiken.
Het eiwit zit als schok-demper om de dooier heen.
De draadjes zorgen dat de dooier steeds in het midden blijft.
Draai zonder te morsen het ei een beetje op zijn kant.
De dooier draait (7) NAN / mee.
De kiem blijft dus bovenop liggen.
kip op eieren
kip op eieren

De kip van binnen

Hiernaast zie je een kip op eieren broeden.
Met de warmte van haar buik broedt de kip de eieren uit.
Waarom draaien de dooiers zó dat de kiem bovenop blijft? (8) ________________________________________.
Vul de beker tot de helft met water.
Schenk de inhoud van het ei voorzichtig in de beker water.
Het ei (9) blijft drijven / zinkt naar de bodem.
Schrijf bij het ei hieronder de juiste namen bij de pijlen: eiwit, dooier, kiem, draden.


(10) _______________

(11) ____________

(12) ____________
(13) ____________
ei zonder schaal

De kiem zit weer (14) onderop / aan de zijkant / bovenop.
Verwarm de beker met de brander tot het water kookt.
Het eiwit wordt (15) zacht / hard.en de kleur (16) ____.
Het ei (17) blijft op de bodem / komt bovendrijven.
Wat wordt het eerste hard? (18) Het eiwit / De dooier.
Als het ei nog in de schaal zat, had je nu een gekookt ei.

De kip van binnen

Hier zie je hoe een kip er van binnen uitziet.
De eierstok is rood gekleurd.
De eileider roze.
kip van binnen

De eidooier wordt gemaakt in de (19) ____________.
Daarna komt het in de (20) ____________.
De eileider van de kip is een soort lopende band.
Als het ene ei gelegd wordt zijn er al drie nieuwe in de maak.
De schaal wordt aan het (21) begin / eind van de eileider om het ei gedaan.

Van ei tot kuiken

Om kuiken te worden moet het ei (22) wel / niet. bevrucht zijn.
En de broed-temperatuur van het ei moet steeds 40 (C zijn.
Hieronder start de ontwikkeling van ei tot kuiken.
ei 1 week oud
ei 1 week oud

1 WEEK OUD


Hiernaast zie je een ei dat 1 week oud is.

Vanuit de kiem groeien bloedvaten de dooier in.
Met die bloedvaten haalt het kuiken voedsel uit de dooier.
ei 2 weken oud
ei 2 weken oud

2 WEKEN OUD


De dooier wordt kleiner.
Dat komt omdat er (23) meer / minder. voedsel over is.
ei 3 weken oud
ei 3 weken oud

3 WEKEN OUD


Het kuiken is volgroeid.
Op de snavel zit een (24) _________.
Met die eitand breekt het kuiken straks de schaal open.
kip is nestvlieder
kip is nestvlieder

geelgors is nestblijver
geelgors is nestblijver

Nestvlieders en nestblijvers


De kuikens van de kip gaan meteen uit het ei met moeder mee op stap.
We noemen dat nest-vlieders.
Andere vogels krijgen hulpeloze kale jongen.
Die worden nog een tijdlang gevoerd voor ze het nest verlaten.
Dat noemen we nest-blijvers.

De geelgors hier is een (25) nestvlieder / nestblijver.

Vragen

1.
Wat gebeurt er met eiwit als je het kookt? (26) ________________________________________.
2.
Waarom wordt de dooier als het kuiken groeit kleiner? (27) ________________________________________.
3.
Waarom is een ei voor ons zo voedzaam? (28) ________________________________________.
4.
Hoe maakt een kuiken de harde schaal van het ei open? (29) ______________________.
5.
De kip is een (30) nestvlieder / bestblijver.

Extra stof

6.

legbatterij
legbatterij
In de natuur stopt de kip met leggen als ze zo'n 10 eieren heeft.
Dan gaat ze broeden.
Maar bij kippen-houders leggen kippen wel 250 eieren per jaar.
Hoe zou de kippen-houder dat voor elkaar krijgen?
(31) _____________________________________________.
7.
Bekijk nogmaals de tekening van de "kip van binnen".
Na de eileider komt het ei via de (32) _________ naar buiten.
De cloaca (spreek uit "kloaakaa") is het enige gaatje wat vogels en reptielen van achteren hebben.
In de cloaca komen dus alle "achteruitgangen" bij elkaar.
Noem ze alledrie: (33) __________________________________________